|
De Katrol = Integraal preventief ontwikkelproject, studie - en opvoedingsondersteuning aan huis.
Kinderen uit de 3de kleuter en uit basisonderwijs die voldoen aan de GOK - inductoren, kansrijker maken door gratis en vrijblijvend studie - en opvoedingsondersteuning aan huis, aan te bieden. Aangeboden door studenten van de hogescholen of universiteit, over de netten heen. Situaties die dreigen te ontwrichten proberen we via de basis aan te pakken.
Om het project een stevig fundament te bieden, namen wij ook vakliteratuur ter hand. Zo bleek, uit recent onderzoek van de HIVA, dat een lage geschooldheid van de ouders en een tekort aan directe betrokkenheid bij het studiegebeuren de verdere schoolse carrière van kinderen kan hypothekeren. De studieachterstand bij kinderen neemt al een start in het 3e kleuter en het begin van het lager onderwijs. Volgens het Oeso rapport scoort Vlaanderen bijzonder hoog in verband met 'zittenblijvers' in het basisonderwijs.
DOELSTELLINGEN:
Het project heeft als invalshoek het onderwijsgebeuren. Via studie - en opvoedingsondersteuning aan huis van het kind uit de eerste graad lager onderwijs, krijgt het schoolgebeuren een plaats binnen het kwetsbare gezin. Het project streeft dan ook volgende drie doelstellingen na.
a) Kansarme kinderen kansrijker maken.
b) Het activeren van de zelfredzaamheid bij de ouders.
c) Toekomstige hulp - en dienstverleners de kans bieden om met kwetsbare gezinnen in contact te komen.
1e doelstelling: kansarme kinderen kansrijker maken.
Marie-Christine Opdenakker (KUL ) wijst ons op de belangrijke functie van de ouders t.a.v. het studiegebeuren bij hun kinderen. Het is volgens haar niet alleen belangrijk om intelligent te zijn, ook het gezin en vooral de onderwijsgerichtheid van de ouders speelt daarbij een belangrijke rol. Er worden betere schoolprestaties geleverd wanneer de ouders betrokkenheid vertonen naar de school toe en een positieve houding aannemen t.a.v. het onderwijs.
"Terwijl kinderen in de middenklasse de waarden en gewoonten - goed studeren om later geld te verdienen, leren sparen, gezond eten - meekrijgen, kunnen kansarme kinderen soms met de meest dure en ongewone dingen afkomen, terwijl er voor andere dingen vaak geen geld is. Ook hier stuiten ze vaak op onbegrip bij leerkrachten. Kansarmoede reikt verder dan het louter financiële. Het eeuwige minderwaardigheidsgevoel is veel pijnlijker dan de honger en koude. Daarom is het zich even goed voelen, door bijvoorbeeld het kopen van iets speciaals, veel belangrijker is dan gezonde voeding of het sparen voor later…"
2e doelstelling: de zelfredzaamheid van de ouders verhogen.
Vanuit onze 'preventieve invalshoek' willen wij niet alleen de kinderen maar ook de ouders bij het studiegebeuren betrekken. J. Vranken : 'investeren in scholing is een zinvolle strategie om armoede en sociale uitsluiting preventief aan te pakken' en vervolgens: 'de kennissamenleving beschouwt levenslang leren als de motor van de welvaart. De preventieve bescherming van scholing tegen armoede heeft aanzienlijke en langdurige effecten.'
Aan welke criteria dient een preventieproject nu precies te beantwoorden?
Uit een recent onderzoek werd het concept wenselijke preventie uitgewerkt en dit vanuit 5 dimensies:
- radicaliteit - staat voor het zo vroeg mogelijk interveniëren. Link naar De Katrol: vanaf de start van hun schoolloopbaan willen wij kansarme kinderen studieondersteuning aanbieden.
- offensiviteit - verwijst naar het uitbreiden van de handelingsmogelijkheden van de doelgroep. Link naar De Katrol: naast de studieondersteuning aan de kinderen zullen we aandacht hebben voor het installeren van een 'onderwijscultuur' in het gezinssysteem.
- integraliteit - verwijst naar de aandacht voor de context van de doelgroep. Link naar De Katrol: we zullen ons niet alleen focussen op het 'betrokken' kind tijdens de studieondersteuning. Ook de andere kinderen/ ouders/familieleden/buurtbewoners enz. kunnen bij dit gebeuren betrokken worden.
- participatie - verwijst naar de noodzakelijke betrokkenheid van de doelgroep. Bij de probleemformulering en -aanpak die wordt uitgewerkt. Link naar De Katrol: - kort maar bondig - de ouders zijn onze opdrachtgevers.
- democratisch karakter - verwijst naar het feit dat niemand mag worden uit-gesloten van het voordeel dat de preventieve acties met zich meebrengen. Link naar De Katrol: we bieden studieondersteuning aan alle kansarme kinderen - over de onderwijsnetten heen.- Past ons preventieproject in de algemene preventie van de bijzondere jeugdbijstand ?
Prof. M. Bouverne - De Bie gaf ons - op deze vraag - een positief antwoord:
"Een algemeen preventief initiatief is een initiatief dat (a) vanuit een risico- en kansenanalyse bijdraagt aan de levenskwaliteit van kinderen en jongeren;(b) systematische hun algemene ontplooiing bevordert en/of (c) de factoren die deze ontplooiing systematisch hinderen voorkomt, bestrijdt of neutraliseert."
Empowerment leek ons (afgaande op het voorgaande) een belangrijk basisconcept voor het project.
"Empowerment is een proces van versterking waarbij individuen, organisaties en gemeenschappen greep krijgen op de eigen situatie en hun omgeving en dit via het verwerven van controle, het aanscherpen van kritisch bewustzijn en het stimuleren van participatie."
Vanaf de opstart van De Katrol werden de belangrijkste items van dit model in onze werking geïntegreerd:
- beslissingsvrijheid (de ouders worden onze werkgevers);
- toegang tot informatie en hulpbronnen (in De Katrol zal er recente informatie te vinden zijn, waarop de ankerfiguur beroep kan doen bij concrete vragen vanuit de gezinnen);
- kritisch denken (met wat de gezinnen aanbrengen, daar gaan we mee aan gang);
- het belang van de groep (17 oktobercomité waar 'armen' mee het woord voeren);
- uit zijn schelp komen (ouders - onder andere - leren om contacten met de school op te nemen);
- blijven veranderen (Feuerstein: laat me niet zoals ik ben).
De Katrol is bijgevolg actief op de 3 empowerment niveaus. Tussen alle niveaus bestaat er een wisselwerking. Ze zijn van elkaar onderling afhankelijk voor zowel oorzaak als gevolg. We spreken dus over de interactieve aard van empowerment.
* het individuele
Er wordt vooral aandacht besteed aan de sociale netwerken binnen de context en de betekenisgeving van de persoon in kwestie. Het team van het project gaat na welke sociale netwerken er aanwezig en afwezig zijn. Ook de betekenis die een individu aan woorden - beelden of een bepaalde situatie geeft, gaan we verkennen en respecteren
* de organisatie
Dit niveau wordt wel eens 'sociaal empowerment' genoemd. Hierbij wordt het accent gelegd op de toegankelijkheid van maatschappelijk kwetsbare groepen t.a.v. organisaties. Er gaat, vanuit het project De Katrol, bijzondere aandacht uit naar inspraak en beslissingsmacht bij onze doelgroep.
* de gemeenschap
Dit niveau verwijst naar een samenleving die op een georganiseerde wijze samenwerkt om de kwaliteit van haar burgers te beschermen en te behouden. Het gaat hem concreet over het creëren van een creatieve omgeving die inspeelt op de mogelijkheden van personen, groepen en organisaties. Het laat enerzijds ruimte voor autonomie en anderzijds stimuleert het samenwerkingsverbanden.
De methoden (systeemtheorie/presentietheorie) die de 'empowermentsgedachte' hebben verrijkt, kregen een plaats in de onderliggende methodische uitbouw van De Katrol (zie 1.4.1 en 1.4.2).
"Voor vele kansarme ouders zijn hun kinderen het enige goede wat ze hebben. Ze willen dan ook erg hun best doen om deze kinderen goed op te voeden zodat zij een mooiere en betere toekomst dan zijzelf tegemoet zullen gaan. Vaak hebben deze ouders zelf geen goed oudervoorbeeld gehad en twijfelen daardoor voortdurend aan zichzelf. De angst om hun kinderen te verliezen is terecht groot. Men voelt zich onhandig, onzeker ... en weet niet hoe op een juiste manier op te treden. Ze vinden het erg moeilijk om grenzen te stellen en om een gulden middenweg te vinden tussen liefde en controle. Sommigen verwennen hun kinderen erg omdat ze niet willen dat de kinderen iets tekort komen, zoals het bij hen dikwijls het geval was. Anderen zijn dan weer van mening dat de kinderen het goed zullen hebben als ze weten wat kan en wat niet en treden bijgevolg zeer autoritair op. Dikwijls zijn ouders zeer wisselend omdat ze constant aan zichzelf twijfelen."
3e doelstelling: toekomstige leerkrachten en hulpverleners de kans bieden om zicht te krijgen op gezinnen die in armoede leven.
Op een studiedag van de Provincie West-Vlaanderen over armoede kwam de volgende vraag van de armen tegenover de hulpverleners aan bod : 'leer ons kennen.'
Zo willen wij eveneens de kloof tussen onderwijs en armoede dichten. Uit het Algemeen Verslag over Armoede blijkt dat ondanks het democratiseringsproces, wat reeds lang in het onderwijs aanwezig is, de school dé plaats blijft waar maatschappelijke uitsluiting bevestigd wordt. Eén van de redenen is dat het onderwijzend personeel en personeel van andere onderwijs actoren in onvoldoende mate vertrouwd zijn met de armoedethematiek.
We willen studenten uit de richtingen orthopedagogiek, toegepaste psychologie, sociale - en psychiatrische verpleegkunde, lerarenopleiding, maatschappelijk werk, psychologie, sociale agogiek…. de mogelijkheid bieden om de gezinnen te leren kennen. De initiatiefnemers willen afstappen van het devies: 'niet gekend is niet bemind'. In het project leren de studenten omgaan met kinderen die een armoedig bestaan leiden, wat op termijn zijn waarde kan hebben wanneer de studenten hun studies hebben voleindigd. Eenmaal in het werkveld vergroot de kans dat zij voor deze doelgroep meer begrip zullen vertonen. Initiatieven van de ex - studenten om ondermeer studieachterstand te vermijden, behoren dan ook tot de mogelijkheden.
Minister Vervotte (Welzijn) is pleitbezorgster voor gerichte vorming en opleiding voor huisbezoeken. Minister Vandenbroucke (Onderwijs) is eveneens de mening toegedaan dat studenten in de lerarenopleidingen tijdens hun opleiding zicht krijgen op de wereld van de armoede.
De vooropgestelde doelstellingen sluiten bovendien naadloos aan bij het GOK decreet.
"Verbaal sterk zijn, is in onze samenleving erg belangrijk. Je komt verstandiger en sympathieker over als je het goed kan uitleggen. Wie zijn gedachten helder kan verwoorden en de dingen genuanceerd kan voorstellen, komt beter over dan zij die de dingen direct chaotisch en in dialect zeggen. De taal die in kansarme milieus wordt gesproken, verschilt erg van de taal van de middenklasse en dus van de taal in de school. Kansarme kinderen hebben geleerd conflicten op directe en fysieke wijze op te lossen en brengen dit mee naar school. Zij reageren volgens de normen van de leerkrachten vaak brutaal, roepend, onverstoorbaar… hetgeen irritatie opwekt. Soms zijn ze erg teruggetrokken omdat ze bang zijn om uitgelachen te worden.
Over gevoelens wordt er in kansarme gezinnen niet teveel gesproken; het zou te confronterend zijn. Zo stapelen onuitgesproken gevoelens zich op, tot het teveel wordt…dan komt alles er uit en dikwijls buiten proportie.
Ouders zijn veelal bang om naar oudervergaderingen te gaan: 'wat zal er gebeuren? Gaan ze iets moeten zeggen in de groep ?' Ze zullen het toch niet begrijpen en vragen stellen durven ze niet. Doordat ouders niet naar de oudervergaderingen komen, groeit bij de leerkrachten de veronderstelling dat ze niet geïnteresseerd zijn in de resultaten van de zoon of dochter."
Onbetaalde schoolrekeningen kunnen - voor kansarme ouders - eveneens een oorzaak zijn om zich niet op de school van hun kinderen te vertonen.
|